Activity image

Film in Beeld - Maak je eigen Filmposter

Ontdek de wereld van filmposters en beeldtaal in film! In deze workshop van Concordia leren leerlingen hoe kleur, compositie, typografie en beeld samen een verhaal kunnen vertellen en de sfeer van een filmposter bepalen. Samen met een ervaren filmdocent ontdekken zij hoe filmmakers en ontwerpers de aandacht van de kijker trekken met krachtige beelden. Tijdens de workshop ontwerpen de leerlingen hun eigen filmposter voor een echte of zelfbedachte film.

Voorbereiding in de klas
Tijdens de voorberiedende les op school, wordt het thema hands-on geïntroduceerd. Samen met de groepsleerkracht oriënteren leerlingen zich op de onderwerpen ‘filmposters’ en lettertypes. Wat is eigenlijk een poster? Waarom ziet een filmposter er zo uit? Welke verschillende lettertypes zijn er allemaal? Vervolgens onderzoeken de leerlingen kenmerken van filmposters, hoe informatie overgebracht wordt, lettertypes en ook de betekenis van kleuren komt aan bod.


De workshop
Tijdens de workshop maken de leerlingen kennis met verschillende soorten filmposters en de beginselen van grafisch ontwerp. De leerlingen gaan samen met een professionele workshopdocent aan de slag. Ze experimenteren met lettertype, compositie, vorm en kleur en ontdekken stap voor stap hoe een filmposter in elkaar zit (onderzoeken).

Samen met de docent bestuderen de leerlingen verschillende posters van bekende en onbekende films. De leerlingen leren kijken naar het ontwerp van de posters en analyseren wat ze zien. Op verschillende manieren ontdekken de leerlingen waarom de hoofdpersoon zo herkenbaar is op de poster, hoe lettertypes gebruikt worden en wat kleur betekent. Vervolgens gaan de leerlingen aan de slag met het maken van hun eigen filmposter.

Groepen 1, 2 en 3 bedenken zelf een korte fantasiefilm en maken daar met aandacht voor het gebruik van kleur en vorm een filmposter bij. De totale workshopduur voor deze groepen is 60 minuten.

Groepen 4, 5 en 6 leren welk doel een filmposter heeft en hoe je een hint kan geven van een verhaal zonder alles te verklappen. Vervolgens wordt er gekeken naar kleurgebruik en verschillende lettertypes. De leerlingen bedenken daarna hun eigen film, waar ze met al deze nieuwe kennis een poster voor ontwerpen.

Groepen 7 en 8 leren over de betekenis van verschillende kleuren, hoe verschillende lettertypes kunnen communiceren of iets een grappige film, een horrorfilm of juist een actiefilm is. Vervolgens splitsen ze op in groepjes en passen ze al deze nieuwe kennis toe in het ontwerpen van hun eigen filmposter.

Tijdens en na het maakproces kijken leerlingen samen terug op hun werk en dat van anderen. Welke keuzes maakten ze? Wat werkte goed? Hoe breng je spanning of emotie over in een ontwerp? Door hierover met elkaar in gesprek te gaan, leren leerlingen hun creatieve proces te verwoorden (reflecteren).

In een gezamenlijk nagesprek blikken de leerlingen terug op het hele proces. Wat hebben ze geleerd over filmposters en grafisch ontwerp? Wat vonden ze verrassend of juist lastig? Door ervaringen uit te wisselen ontdekken leerlingen dat film niet alleen iets is om naar te kijken, maar ook een krachtig middel is om jezelf uit te drukken en samen nieuwe verhalen te creëren (evaluatie).




Disciplines
Locaties
Groepen
Schooljaren
Kerndoelen
35 De leerling ontwikkelt artistiek creatief vermogen.
  • Omgaan met speelruimte: experimenteren, improviseren en spelen met materialen, technieken, beweging, klank en instrumenten.
  • Verkennen van eigen en gezamenlijke ideeën bij het maakproces.
  • Bijstellen van eigen en gezamenlijke kunstzinnige uitingen.
  • Gebruiken van ideeën van andere makers als inspiratie voor eigen en gezamenlijke kunstzinnige uitingen.
  • Gebruiken van uitingen van kunst en cultuur als inspiratie voor eigen en gezamenlijke kunstzinnige uitingen.
  • Bijstellen van eigen en gezamenlijke kunstzinnige uitingen.
  • Oriënteren op diverse technieken, materialen, middelen, vormen en processen.
  • Bespreken van getoonde eigen of gezamenlijke kunstzinnige uitingen.
  • Kijken en luisteren naar uitingen van kunst en cultuur.
  • Verwoorden van eigen artistieke voorkeuren en vermogens tijdens het maakproces.
  • Bespreken van betekenissen van eigen kunstzinnig werk en dat van medeleerlingen.
  • Beschouwen en beschrijven van uitingen van kunst en cultuur van uiteenlopende makers.
  • Gebruiken van vaktaal.
  • Vragen stellen over de betekenissen van uitingen van kunst en cultuur.
  • Verwoorden van een mening over uitingen van kunst en cultuur.
36 De leerling maakt kunstzinnige uitingen.
  • Gebruiken van verbeeldende elementen uit beeldende kunst en muziek, alsmede van dans, of film, of theater bij het maken van eigen werk.
  • Verbeelden van verhalen, ideeën, gedachten, ervaringen en, gevoelens.
  • Ontwerpen en realiseren van toegepaste vormen van kunst.
  • Herinterpreteren van bestaand werk.
  • Beeldende materialen, technieken en gereedschappen.
  • Fotografische en filmische technieken.
37 De leerling maakt kunst en cultuur mee.
  • Omgaan met de gebruiken en gewoonten bij het actief meemaken van kunst en cultuur in uiteenlopende contexten.
  • Uitwisselen van ervaringen in interactie met professionele makers.
  • Omgaan met uiteenlopende opvattingen en belevingen van anderen.
  • Vergelijken van eigen interesses en voorkeuren voor kunstzinnige uitingsvormen met die van anderen.
  • Maken van een kunstzinnige uiting als verwerking van een culturele en kunstzinnige ervaring.
  • Verkennen van kunstzinnige uitingen, kunststromingen en erfgoed in cultuur.
  • Verkennen van de functie en waarde van uitingen van kunst en cultuur voor zichzelf en de samenleving.
54 Kunstzinnige oriëntatie
  • De leerlingen leren beelden, taal, muziek, spel en beweging te gebruiken om er gevoelens en ervaringen mee uit te drukken en om er mee te communiceren.
55 Kunstzinnige oriëntatie
  • De leerlingen leren op eigen werk en dat van anderen te reflecteren.
56 Kunstzinnige oriëntatie
  • De leerlingen verwerven enige kennis over en krijgen waardering voor aspecten van cultureel erfgoed.
Bijzonderheden

De workshop voor groepen 1/2/3 duurt 60 minuten in plaats van 90 minuten.

Lesmateriaal

Ervaringsvorm
Maken
Rolstoeltoegankelijk
Ja