Activity image

Foley Fun: Breng film tot leven met geluid

Ontdek de wereld van geluid in film! In deze workshop van Concordia leren leerlingen hoe geluidseffecten — ook wel Foley genoemd — een film tot leven brengen. Samen met een ervaren filmdocent ontdekken zij hoe krachtig geluid kan zijn en hoeveel invloed het heeft op sfeer, spanning en beleving. Tijdens de workshop maken de leerlingen een eigen video met zelfgemaakte Foley-geluiden. 

Voorbereiding in de klas
Tijdens de voorbereidende les in de klas maken de leerlingen kennis met geluid in film (oriënteren). De onder- en middenbouw starten met een geluidenquiz waarin leerlingen raden welke geluiden zij horen. Daarna onderzoeken zij welke geluiden er allemaal op school aanwezig zijn. Ze luisteren bewust naar hun omgeving en verzamelen hun bevindingen in een woordweb, tekening of geluidenlijst. Zo ontdekken zij dat overal om hen heen geluiden verborgen zitten die een verhaal kunnen vertellen.

De bovenbouw begint eveneens met een geluidenquiz, maar verdiept zich daarna verder in de relatie tussen beeld en geluid. De leerlingen bekijken een scène uit een film zonder geluid en bedenken welke geluiden daarbij zouden passen. Vervolgens maken zij een eenvoudig geluidsplan voor hun eigen video: welke geluiden zijn nodig, hoe kunnen die worden gemaakt en welk effect hebben ze op de kijker? Op deze manier ontwikkelen leerlingen een bewuste luisterhouding en bereiden zij zich creatief én inhoudelijk voor op de workshop.

De workshop

Tijdens de workshop duiken de leerlingen verder in de wereld van geluid en Foley. Ze onderzoeken verschillende eigenschappen van geluid, zoals hoog en laag, hard en zacht, lang en kort. Ook maken zij kennis met verschillende stijlen van geluid in film: realistisch, overdreven, grappig of juist spannend.

De leerlingen ontdekken wat een Foley-artiest doet en waarom geluiden in films vaak apart worden opgenomen. Daarna experimenteren zij met allerlei materialen en objecten: hoeveel verschillende geluiden kun je maken met één voorwerp? En hoe maak je bijvoorbeeld voetstappen, regen, krakende deuren of magische geluiden?

Door filmfragmenten te bekijken mét en zonder Foley-geluid ervaren de leerlingen hoe sterk geluid de sfeer en betekenis van een scène beïnvloedt. Vervolgens gaan zij zelf aan de slag (uitvoeren) en maken zij in groepjes een eigen video waarin beeld en zelfgemaakte geluidseffecten samenkomen.

Na afloop bekijken de leerlingen elkaars video’s en bespreken ze wat ze hebben ontdekt (reflectie): welke objecten zijn gebruikt, wat waren de verschillen tussen de filmpjes, welk geluid was het moeilijkst om te maken, welk geluid klonk het grappigst? Tot slot is er aandacht voor het hele proces (evaluatie): wat hebben ze geleerd, wat vonden ze leuk, hoe verliep de samenwerking, en wat zouden ze volgende keer anders aanpakken? Zo ontdekken leerlingen hoe belangrijk geluid is in film én hoe je met eenvoudige materialen een groot effect kunt creëren.



Disciplines
Locaties
Groepen
Schooljaren
Kerndoelen
35 De leerling ontwikkelt artistiek creatief vermogen.
  • Omgaan met speelruimte: experimenteren, improviseren en spelen met materialen, technieken, beweging, klank en instrumenten.
  • Verkennen van eigen en gezamenlijke ideeën bij het maakproces.
  • Bijstellen van eigen en gezamenlijke kunstzinnige uitingen.
  • Gebruiken van ideeën van andere makers als inspiratie voor eigen en gezamenlijke kunstzinnige uitingen.
  • Gebruiken van uitingen van kunst en cultuur als inspiratie voor eigen en gezamenlijke kunstzinnige uitingen.
  • Bijstellen van eigen en gezamenlijke kunstzinnige uitingen.
  • Oriënteren op diverse technieken, materialen, middelen, vormen en processen.
  • Bespreken van getoonde eigen of gezamenlijke kunstzinnige uitingen.
  • Kijken en luisteren naar uitingen van kunst en cultuur.
  • Verwoorden van eigen artistieke voorkeuren en vermogens tijdens het maakproces.
  • Bespreken van betekenissen van eigen kunstzinnig werk en dat van medeleerlingen.
  • Beschouwen en beschrijven van uitingen van kunst en cultuur van uiteenlopende makers.
  • Gebruiken van vaktaal.
  • Vragen stellen over de betekenissen van uitingen van kunst en cultuur.
  • Verwoorden van een mening over uitingen van kunst en cultuur.
36 De leerling maakt kunstzinnige uitingen.
  • Gebruiken van verbeeldende elementen uit beeldende kunst en muziek, alsmede van dans, of film, of theater bij het maken van eigen werk.
  • Verbeelden van verhalen, ideeën, gedachten, ervaringen en, gevoelens.
  • Ontwerpen en realiseren van toegepaste vormen van kunst.
  • Herinterpreteren van bestaand werk.
  • Muzikale technieken en instrumenten.
  • Fotografische en filmische technieken.
37 De leerling maakt kunst en cultuur mee.
  • Omgaan met de gebruiken en gewoonten bij het actief meemaken van kunst en cultuur in uiteenlopende contexten.
  • Uitwisselen van ervaringen in interactie met professionele makers.
  • Omgaan met uiteenlopende opvattingen en belevingen van anderen.
  • Vergelijken van eigen interesses en voorkeuren voor kunstzinnige uitingsvormen met die van anderen.
  • Maken van een kunstzinnige uiting als verwerking van een culturele en kunstzinnige ervaring.
  • Verkennen van kunstzinnige uitingen, kunststromingen en erfgoed in cultuur.
  • Verkennen van de functie en waarde van uitingen van kunst en cultuur voor zichzelf en de samenleving.
54 Kunstzinnige oriëntatie
  • De leerlingen leren beelden, taal, muziek, spel en beweging te gebruiken om er gevoelens en ervaringen mee uit te drukken en om er mee te communiceren.
55 Kunstzinnige oriëntatie
  • De leerlingen leren op eigen werk en dat van anderen te reflecteren.
56 Kunstzinnige oriëntatie
  • De leerlingen verwerven enige kennis over en krijgen waardering voor aspecten van cultureel erfgoed.
Bijzonderheden

De tijdsduur van het programma voor groepen 1, 2 en 3 is 60 minuten.

Lesmateriaal

Ervaringsvorm
Maken
Rolstoeltoegankelijk
Ja