Cap Thizz - Hip Hop petjes

Workshop Cap-Thizz
Ontwerp je eigen Hip Hop pet
In de workshop Cap-Thizz ontwerpen leerlingen hun eigen unieke hiphop pet. De cap is binnen de hiphopcultuur een belangrijk onderdeel van iemands uitstraling en identiteit. Rappers en artiesten gebruiken hun pet om zichzelf te laten zien: met hun naam, stijl en persoonlijkheid. Tijdens deze workshop gaan leerlingen aan de slag om hun eigen “signature cap” te maken. Met zwarte markers, sjablonen en een flinke dosis creativiteit ontstaat een stoer en persoonlijk ontwerp.

Oriënteren
De workshop start met een introductie over de oorsprong van hiphop en de invloed van graffiti op mode, zoals het ontwerpen van trucker caps. Aan de hand van een lesbrief en inspirerende video’s maken leerlingen kennis met verschillende stijlen en technieken. Ze beginnen met het maken van schetsen op papier en onderzoeken hoe ze sjablonen kunnen gebruiken om strakke en opvallende ontwerpen te creëren.

Onderzoeken
In deze fase werken leerlingen aan een voorbereidende opdracht. Ze ontwikkelen een ‘blauwdruk’ van hun ontwerp, waarbij ze experimenteren met vormen, letters en symbolen. Er wordt geoefend met typografie (bijvoorbeeld hun naam of artiestennaam) en met vrije beeldende elementen. Leerlingen ontdekken hoe zij hun ideeën kunnen vertalen naar een ontwerp dat geschikt is voor een cap.

Uitvoeren
De uitvoering vindt plaats in het handenarbeidlokaal. De workshop begint met een gezamenlijke instructie door de gastdocent, waarin aandacht wordt besteed aan materialen en veiligheid. Leerlingen nemen hun voorbereidende ontwerpen mee en krijgen een demonstratie van de technieken. Vervolgens gaan zij zelfstandig aan de slag met het uitwerken van hun ontwerp op de cap, met behulp van markers, sjablonen en hun eigen creativiteit.

Evalueren
Na afloop van de workshop presenteren leerlingen hun caps tijdens een kleine “catwalk” in de klas. Er wordt een groepsfoto gemaakt en er volgt een gezamenlijk evaluatiemoment. Leerlingen reflecteren op wat zij hebben geleerd, welke technieken zij hebben ontdekt en hoe zij de samenwerking hebben ervaren. Ook wordt besproken of zij verder willen met deze vorm van creatief ontwerpen en waar zij materialen kunnen vinden.

Leerplankader

Oriënteren
(20 punten)
Onderzoeken
(10 punten)
Uitvoeren
(45 punten)
Evalueren
(25 punten)

De leerling kan zich binnen de context van het thema of onderwerp openstellen voor verschillende uitingen van kunst en cultuur. De leerling kan daarop reageren met associaties en herinneringen aan eigen ervaringen. De leerling kan daarover communiceren met anderen.

De leerling kan brononderzoek doen en vanuit dit onderzoek conclusies trekken die hij meeneemt in de uitvoerende fase. De leerling kan de betekenis die hij aan kunstuitingen geeft onderzoeken en een relatie leggen met de middelen die de maker heeft gebruikt, bijvoorbeeld beeldof klankaspecten, spel- of danselementen, technieken en materialen. De leerling kan experimenteren met technieken, materialen, verschillende media en nieuwe mogelijkheden uitproberen. De leerling kan onderzoeken op welke manier hij de opdracht kan gaan uitvoeren en kan een uitvoeringsplan maken. De leerling kan eigen criteria en de gegeven criteria van de opdracht benoemen. De leerling kan teruggrijpen naar de informatie en ideeën opgedaan in de oriëntatiefase.

De leerling kan zijn plannen uitvoeren (met behulp van vakspecifieke kennis en vaardigheden) en de uitvoering presenteren (individueel of samen met anderen). De leerling kan zijn keuzes motiveren en een relatie leggen met de onderzoeksfase. De leerling kan in het vormgevingsproces rekening houden met de gegeven en zijn eigen criteria. De leerling kan, daar waar relevant, samenhang benoemen tussen een beeld, dans, spel of muziek en/of andere vakken.

De leerling kan vertellen over het verloop van het werkproces. De leerling kan zijn waardering geven aan het eigen product en werkproces en dat van anderen. De leerling kan deze waardering beargumenteren en maakt daarbij gebruik van kennis en inzicht in verschillende uitingen van kunst en cultuur. De leerling kan oplossingen in het eigen werk vergelijken met die van kunstenaars. De leerling kan laten zien dat hij enige kennis en inzicht in de betekenis die kunst en cultuur, voor het dagelijkse leven van mensen van vroeger en nu, heeft.