Compleet Cultuurpakket op Maat

Exclusief voor Enschede biedt Theater Sonnevanck voor schooljaar 2020/2021 een Compleet Cultuurpakket op Maat voor de hele klas, aangepast aan jouw wensen.

 

 

Compleet

 Het pakket bevat alle culturele activiteiten die je je leerlingen in een jaar wilt laten beleven: een live kunstervaring, een of meer actieve workshops door kunstvakdocenten en andere inspirerende lessen. Volledig op maat van jouw wensen, aansluitend op je lesprogramma. Tijdens deze activiteiten werken de leerlingen aan alle 21ste eeuwse vaardigheden: creatief denken en handelen, kritisch denken, sociale en culturele vaardigheden, en dit allemaal in verbinding met hun eigen leefwereld.

Cultuureducatie

Theater is een geweldige start van complete cultuureducatie, want alle kunstvormen komen er in samen. Een beeldend kunstenaar ontwerpt decor en kostuums, een componist componeert muziek die live uitgevoerd wordt door muzikanten. Een schrijver schrijft een tekst die door de acteurs tot leven wordt gebracht en een regisseur smeedt al deze ingrediënten samen tot een verhaal van nu dat kinderen op het puntje van hun stoel laat zitten. Het Cultuurpakket biedt, naast bezoek aan een professionele jeugdvoorstelling, workshops en lessen in al deze kunstvormen.

Op maat

Jij kent jezelf en de klas het beste en wij kennen het vakgebied. Samen zorgen we dat jouw klas cultuureducatie op maat krijgt. En als je dat wilt, krijgen ook jouw eigen culturele vaardigheden een enorme boost.
Naast een voorstellingsbezoek plan je minimaal 2 en maximaal 8 actieve workshops in de klas, op momenten die aansluiten op jouw lesprogramma. De vakleerkracht van Theater Sonnevanck stemt de invulling van het cultuurpakket persoonlijk met je af. Zo haal je een héél jaar cultuureducatie met kwaliteit in je klas.
Je kunt dit aanbod voor één klas boeken, maar natuurlijk ook voor meerdere klassen of zelfs de hele school. We gaan graag met je/jullie in gesprek over de persoonlijke wensen van de leerkracht voor de workshops.

Voorstelling

Een onderdeel van het Cultuurpakket is een live kunstervaring (of theatervoorstelling). Voor komend schooljaar kan je kiezen uit de volgende voorstellingen:

Pakketje Met - groep 1, 2 en 3 (meer informatie)

Liegebeesten - groep 4, 5 en 6 (meer informatie)

Orfeo - groep 5, 6 en 7 (meer informatie)

Edward Scharenhand - groep 6, 7 en 8 (meer informatie)

 

Voor vragen kunt u contact opnemen met:
Theater Sonnevanck
Susan Waanders
telefoon: 053-4315400
e-mail: susan@sonnevanck.nl

Leerplankader

Oriënteren
(25 punten)
Onderzoeken
(25 punten)
Uitvoeren
(25 punten)
Evalueren
(25 punten)

De leerling kan zich binnen de context van een betekenisvol thema of onderwerp openstellen voor beeldende vormgeving en beeldende kunst (autonoom en toegepast) en waar relevant in samenhang met andere kunstdisciplines. De leerling kan in een beeldbeschouwings-gesprek betekenis, beeldaspecten en materialen en technieken met elkaar in verband brengen. Hij kan de eigen betekenisgeving spiegelen aan die van anderen en daarbij openstaan voor andere ideeën.

De leerling kan zelfstandig (individueel of in groepjes) bronnenonderzoek doen en aspecten van wereldoriëntatie, beeldende vormgeving en beeldende kunst (waaronder cultureel erfgoed ) gebruiken als inspiratiebron voor beeldend werk. De leerling kan experimenteren met de samenhang tussen onderwerp, beeldaspecten en materialen en technieken en verschillende mogelijkheden uitproberen. De leerling kan zelfstandig onderzoeken op welke manier hij de beeldende opdracht kan uitvoeren en een uitvoeringsplan maken, individueel of samen met anderen. Hij kan daarbij rekening houden met de criteria van de gegeven opdracht en zijn eigen criteria.

De leerling kan (individueel of in een groep) zijn plannen uitvoeren en gebruik maken van zijn kennis van beeldaspecten en materialen en technieken en ideeën uit de onderzoeksfase om de zeggingskracht van zijn werk zo groot mogelijk te maken. De leerling kan tijdens het vormgevings-proces rekening houden met de gegeven en eigen criteria (individueel of als groep). De leerling kan waar relevant samenhang in zijn werk benoemen tussen beelden, dans, muziek, drama, taal en de wereldoriënterende vakken.

De leerling kan vertellen over het verloop van het werkproces en zijn werk vergelijken met de criteria van de opdracht en zijn eigen criteria (individueel en als groep) en daarbij aangeven wat een mogelijke vervolgopdracht zou kunnen zijn. De leerling kan zijn waardering beargumenteren en maakt daarbij gebruik van zijn kennis en inzicht in de beeldende, en andere kunstzinnige disciplines en cultureel erfgoed. De leerling kan laten zien dat hij enige kennis en inzicht heeft in de betekenis van beeldende kunst en cultuur (waaronder cultureel erfgoed) in het dagelijks leven van mensen vroeger en nu.

De leerling kan (binnen een inspirerende werkvorm) met aandacht luisteren naar muziek van buiten zijn belevingswereld. De leerling kan de eigen betekenisgeving aan muziek spiegelen aan die van anderen, en staat daarbij open voor andere ideeën.

De leerling kan variaties op thema’s in muziek herkennen en analyseren. De leerling kan variatie als vormprincipe toepassen in zijn composities. De leerling kan zijn muzikale ideeën vormgeven en eventueel verklanken met gebruikmaking van (muziek)technologie. De leerling kan specifieke klankaspecten onderscheiden en die weergeven in passende grafische symbolen.

De leerling kent meerdere canons. De leerling kan eenvoudige ritmische en melodische (begeleidings)patronen spelen binnen meerstemmigheid. De leerling kent de namen en speelwijzen van het schoolinstrumentarium en die van het pop- en (Westerse) klassieke instrumentarium. De leerling kan presenteren met overtuiging.

De leerling kan ontvangen suggesties verwerken in zijn werk(proces). De leerling heeft enig inzicht in de manier waarop muziek het gedrag van mensen kan beïnvloeden.

De leerling kan zijn eigen dramatisch spel afstemmen met de groep en dit gebruiken in een presentatie (zoals een theaterstuk). De leerling kan de verschillende betekenissen die anderen aan theater geven vergelijken met zijn eigen betekenisgeving.

De leerling kan onderzoek doen naar de mogelijke betekenis en de zeggingskracht van spelelementen (wie, wat, waar, wanneer en waarom), speltechnieken en spelstijlen die nodig zijn voor het maken van een scène. Hij kan de opbouw van een toneelstuk (begin, midden, eind en scènes) benoemen. De leerling kan een uitvoeringsplan maken, individueel of samen met anderen, en kan daarbij rekening houden met de criteria van de gegeven opdracht en zijn eigen criteria en/of die van de groep.

De leerling kan bewust de spelelementen wie, wat, waar, wanneer en waarom in spel vormgeven. De leerling kan betekenis en zeggingskracht geven aan zijn spel door een duidelijke inzet van speltechnieken, spelstijlen, (vaste) tekst en (gespeelde) emoties. De leerling kan zijn keuzes motiveren en een relatie leggen tussen de scène en de onderzoeksfase. Hij staat daarbij open voor feedback van anderen. De leerling kan spelopdrachten uitvoeren, actief meespelen met de dramatische werkvormen: tableau vivant, afspreekspel, dialoogspel, toneelspel, tekstspel, improvisatiespel/ inspringspel en voordrachtspel en kan de theatrale vormgeving (decor, kostuums) bewust toepassen in een scène of toneelstuk. De leerling herkent bovenstaande spelopdrachten en dramatische werkvormen en kan verschillen benoemen. De leerling kan zelfstandig een dialoog schrijven en kan een voorstelling maken voor een publiek dat gebaseerd is op een zelfgemaakt of bestaand verhaal. De leerling kan in de les of voor (onbekend) publiek met een duidelijke expressie (verbaal en non-verbaal) spelen.

De leerling kan zijn spelkwaliteiten en ontwikkelpunten en die van andere leerlingen benoemen en kan daarbij zijn eigen criteria (en/of die van de groep) vergelijken met de criteria van de opdracht. De leerling kan een relatie leggen tussen zijn eigen betekenisgeving en die van anderen, waaronder (semi) professionele kunstenaars. De leerling kan de feedback over zijn spel en dat van andere leerlingen uit zijn groepje toepassen in zijn spel.