BeatzClass

 

BeatzClass – Maak je eigen Beat
In de workshop BeatzClass stappen leerlingen in de wereld van muziekproductie en ontdekken ze hoe je zelf een beat maakt. Ze creëren hun eigen track waarop je kunt dansen, zingen of rappen. Met behulp van samples, effecten en hun eigen ideeën bouwen ze stap voor stap een unieke sound. Creativiteit, samenwerking en ritmegevoel staan centraal. Misschien ontstaat hier wel de volgende hit! Leerlingen werken in tweetallen en krijgen ieder een eigen werkplek (unit) om hun beat te ontwikkelen. Samen bedenken ze sounds, structuren en een eigen stijl. De workshop wordt feestelijk afgesloten met een spannende beat battle, waarbij de beste beat wordt gekozen. Op de winnende track sluit de docent af met een live rap.

Oriënteren
De workshop begint met een introductie over de herkomst van muziekproductie en de rol van beatmaking binnen de hiphopcultuur. Aan de hand van een lesbrief en video’s maken leerlingen kennis met verschillende technieken en stijlen. Ook wordt stilgestaan bij hoe muziek zich door de jaren heen heeft ontwikkeld en welke invloed producers hebben op de muziek die we vandaag de dag horen.

Onderzoeken
Na de introductie leren leerlingen de basis van het muziekprogramma kennen. Ze ontdekken wat verschillende knoppen en functies doen en hoe deze invloed hebben op ritme, tempo, melodie en effecten. Vervolgens gaan ze zelf experimenteren met sounds en samples. Door te spelen met lagen, timing en variatie ontwikkelen ze gevoel voor opbouw en structuur in muziek. Zo werken ze stap voor stap toe naar hun eigen beat.

Uitvoeren
De leerlingen bekijken eerst een korte tutorial die door de docent wordt toegelicht. Daarna gaan zij zelfstandig of in tweetallen aan de slag. Ze kiezen sounds, bouwen hun beat op en voegen effecten toe om hun track een eigen karakter te geven. Elk duo bedenkt ook een naam voor hun DJ-team, waardoor hun creatie een eigen identiteit krijgt. De klas verandert langzaam in een creatieve studio waarin iedereen werkt aan zijn eigen sound. Uiteindelijk werken de leerlingen toe naar een eindmix die klaar is om gepresenteerd te worden.

Evalueren
De workshop wordt afgesloten met een gezamenlijke luistersessie en de beat battle. Alle beats worden afgespeeld en leerlingen luisteren actief en met respect naar elkaars werk. Samen wordt gekeken welke beat het meest opvalt. De winnende track wordt extra in de spotlight gezet met een live rap van de docent.

Daarna volgt een reflectiemoment waarin leerlingen terugkijken op hun proces:

  • Wat heb je geleerd?
  • Wat vond je vernieuwend?
  • Hoe vond je het samenwerken?
  • Waar ben je trots op in jouw beat?

De workshop laat leerlingen ervaren dat zij zelf muziek kunnen maken en dat hun creativiteit hoorbaar wordt in een eigen productie.

 

Leerplankader

Oriënteren
(10 punten)
Onderzoeken
(10 punten)
Uitvoeren
(45 punten)
Evalueren
(35 punten)

De leerling kan zich binnen de context van het thema of onderwerp openstellen voor verschillende uitingen van kunst en cultuur. De leerling kan daarop reageren met associaties en herinneringen aan eigen ervaringen. De leerling kan daarover communiceren met anderen.

De leerling kan brononderzoek doen en vanuit dit onderzoek conclusies trekken die hij meeneemt in de uitvoerende fase. De leerling kan de betekenis die hij aan kunstuitingen geeft onderzoeken en een relatie leggen met de middelen die de maker heeft gebruikt, bijvoorbeeld beeldof klankaspecten, spel- of danselementen, technieken en materialen. De leerling kan experimenteren met technieken, materialen, verschillende media en nieuwe mogelijkheden uitproberen. De leerling kan onderzoeken op welke manier hij de opdracht kan gaan uitvoeren en kan een uitvoeringsplan maken. De leerling kan eigen criteria en de gegeven criteria van de opdracht benoemen. De leerling kan teruggrijpen naar de informatie en ideeën opgedaan in de oriëntatiefase.

De leerling kan zijn plannen uitvoeren (met behulp van vakspecifieke kennis en vaardigheden) en de uitvoering presenteren (individueel of samen met anderen). De leerling kan zijn keuzes motiveren en een relatie leggen met de onderzoeksfase. De leerling kan in het vormgevingsproces rekening houden met de gegeven en zijn eigen criteria. De leerling kan, daar waar relevant, samenhang benoemen tussen een beeld, dans, spel of muziek en/of andere vakken.

De leerling kan vertellen over het verloop van het werkproces. De leerling kan zijn waardering geven aan het eigen product en werkproces en dat van anderen. De leerling kan deze waardering beargumenteren en maakt daarbij gebruik van kennis en inzicht in verschillende uitingen van kunst en cultuur. De leerling kan oplossingen in het eigen werk vergelijken met die van kunstenaars. De leerling kan laten zien dat hij enige kennis en inzicht in de betekenis die kunst en cultuur, voor het dagelijkse leven van mensen van vroeger en nu, heeft.